Maak afbeeldingen kleiner (JPG/WebP) met een kwaliteitsschuif — ideaal om te mailen of uploaden.
Wie een foto wil verkleinen om te mailen, loopt tegen dezelfde grens aan: mailservers hanteren een bijlagelimiet, vaak 10 MB zakelijk en 25 MB bij de grote gratis diensten. Een opname van een moderne telefoon is 4 tot 8 MB, dus na drie foto's zit je eraan. Op 80 procent kwaliteit gaat zo'n foto meestal onder de 500 KB, en op een scherm zie je daar weinig van. Meerdere foto's kun je in één keer laden; bij meer dan één krijg je ze als zip terug. Blijft de hele serie te groot, dan verstuur je hem eenvoudiger als downloadlink dan als bijlage.
WebP is bij dezelfde kwaliteit doorgaans een kwart tot een derde kleiner dan JPG, en elke browser van de afgelopen jaren toont het gewoon. Voor beeld dat op een website komt is het dus de betere keuze: je pagina laadt merkbaar sneller. Geef je het bestand uit handen, dan is JPG veiliger; oudere fotoprogramma's, uploadformulieren van webshops en portalen en drukkerijen doen nog vaak niets met een .webp. Vuistregel: WebP voor je eigen site, JPG voor alles wat je opstuurt. Bij schermafdrukken met tekst houdt WebP scherpe randen beter vast dan een JPG die je ver hebt teruggezet.
De schuif loopt van 30 tot 95 procent en staat standaard op 80; tussen 75 en 85 zie je op een scherm zelden verschil met het origineel. Onder de 60 verschijnen vlekken in vlakke delen: lucht, een muur, een egale achtergrond. Een foto met veel detail, zoals gras of bladeren, verdraagt meer. Comprimeren is onomkeerbaar, dus werk vanaf het origineel en niet vanaf een kopie die al een ronde heeft gehad; die schade stapelt op. Dat origineel blijft op je computer staan, het rekenwerk gebeurt in je browser. Let tot slot op de afmeting: het aantal pixels verandert niet, daarvoor gebruik je Formaat wijzigen.